maart 2021 - De Valk Wekerom

Melkproductie en rantsoen zorgen samen voor efficiëntie

29 maart, 2021

KRINGLOOPWIJZER EEN UNIEK INSTRUMENT BINNEN DE MELKVEESECTOR

 

Het lijkt nog een eind weg, maar voor een goed resultaat begint de kringloopwijzer nu al. Met het rantsoen kunnen namelijk veel keuzes worden gemaakt om te sturen op stikstof, fosfaat en CO2 efficiëntie. Iedereen heeft zijn eigen belang bij een goede Kringloopwijzer. De een doet mee met PlanetProof en heeft daarmee direct voordeel in zijn melkgeld. De ander kijkt vooral naar het besparen van mestafvoerkosten.

____________________________________________________________________________________________________________________________________

De Kringloopwijzer brengt alle mineraalstromen van uw bedrijf in beeld. Een uniek instrument binnen de melkveesector. Je moet immers eerst weten welke mineraalstromen er zijn en waar de verliezen zijn om aan vooruitgang te kunnen werken. Het efficiënt omgaan met mineralen moet niet enkel als een verplichting worden gezien, maar als een middel om het bedrijfsresultaat te verbeteren. Minder verliezen betekent namelijk dat er minder verloren gaat vanuit de mineralenkringloop op uw bedrijf.

Melk met veel eiwit

De Kringloopwijzer kijkt terug naar het afgelopen jaar. Dat betekent dat de keuzes die u nu maakt invloed hebben op het resultaat van de Kringloopwijzer straks. Welke keuze moet u maken? Heel simpel begint dit bij het basisprincipe van de kringloop:

 

Efficiëntie = output / input

 

Er kan dus aan twee kanten gestuurd worden. Wat gaat eruit (output)? En wat gaat erin (input)? De hoogste efficiëntie haalt u bij de hoogste output van stikstof en fosfor. Een hoge melkproductie is daarbij van belang. Immers elke kg melk die u aflevert, zorgt voor een gram fosfor die u aflevert. Uw exacte fosforgehalte in de melk wordt op uw melkleverantie weergegeven. Het stikstofgehalte is een combinatie van eiwitpercentage en kg melk. Een hoog vetpercentage levert u in de Kringloopwijzer weinig voordeel op. Vet bevat immers geen mineralen zoals stikstof en fosfor, terwijl de koe wel extra voer moet vreten om al dat vet te produceren. Voer waar stikstof en fosfor in zit. Een hoog vetpercentage is daarom niet gunstig voor de kringloopwijzer. Samenvattend, de optimale melkproductie is veel melk, met een vet- en eiwitpercentage die zo dicht mogelijk bij elkaar liggen.

Zetmeel voor extra benutting

Daarnaast kan natuurlijk ook aan de inputkant gestuurd worden. Aan de inputkant is de vuistregel om zo veel mogelijk VEM te voeren, met zo weinig mogelijk eiwit en fosfor. Van VEM kan de koe immers melk maken. Dat lijkt heel makkelijk, maar is het niet. Eiwit en fosfor zijn essentiële elementen voor de koe en kunnen niet zomaar weggelaten worden. Besparen kan alleen door heel gericht te kijken waar de verliezen zijn. Eiwit voeren we teveel als het ureum in de melk te hoog is. Een ureum rond de 20 geldt als een streefwaarde waarbij het eiwit goed benut wordt, maar de koe niet tekort komt. Als het ureum hoger wordt, zijn er verliezen. Het gevoerde eiwit wordt dan door de koe niet gebruikt. Zeker als er een kuil met veel onbestendig eiwit of vers gras gevoerd wordt, kan dit worden voorkomen. In deze situaties kan de benutting verhoogd worden door veel rustig zetmeel te voeren., zoals geplette gerst. Hiermee wordt de verhouding VEM en eiwit verbeterd en kan de koe het gevoerde eiwit beter benutten. Fosfor verlagen is kritisch. Te weinig fosfor voeren is namelijk niet altijd direct zichtbaar, maar kan op de langere termijn wel gezondheidsproblemen opleveren. Hierbij moet vooral gekeken worden naar het lactatie stadium. Verse koeien die veel melk geven moeten voldoende fosfor krijgen. Later in de lactatie kan het fosfor in het rantsoen behoorlijk zakken. Een rantsoenberekening met geanalyseerde kuilen op fosfor zijn daarbij onmisbaar om dit goed in kaart te kunnen brengen. 

Voer met laag CO2

Een ander element waar veel over gesproken wordt als het om duurzaamheid gaat (maar voor de melkveehouder wellicht minder interessant) is de CO2 footprint. Toch wordt deze belangrijk en zijn er concepten zoals PlanetProof waarin dit wordt meegenomen. De CO2 footprint is deels afhankelijk van het energieverbruik op uw bedrijf. Maar voor een groot deel ook afhankelijk van het type krachtvoer dat u aankoopt. Bij het verbouwen van grondstoffen komt namelijk CO2 vrij, dat erg verschillend is per grondstof. Zo zorgt met name soja voor veel CO2. Wilt u de CO2 footprint van uw melk omlaag brengen? Bespreek dit dan met uw voorlichter. Per voersoort hebben wij de CO2 footprint in beeld en we kunnen er ook op sturen. Belangrijk is wel om dit nu al op te pakken, omdat het hele jaar meetelt.

Gezamenlijk op weg naar kwaliteit- en resultaatverbetering

29 maart, 2021

Diervoeders vormen een belangrijke invloedsfactor op de bedrijfsresultaten, zowel in technisch als in financieel opzicht. De sleutel tot succes is een juist en passend voerassortiment. Dat is de inzet van de afstemming tussen u als gebruiker, uw vertegenwoordiger en de afdeling nutritie van De Valk Wekerom.

 

Naast de prijs-/ kwaliteitsverhouding zien wij kwaliteit als een breed begrip. Niet alleen de verschijningsvorm van het voer, maar ook uw beleving bij het doen van bestellingen, het contact met medewerkers, de bulkleverantie, afleverbonnen en facturatie vallen onder de totale kwaliteitsbeleving. Continu werken aan het nog beter worden. Dat is het doel.

Beter worden
Verbeterpunten maken we met elkaar zichtbaar en bespreekbaar als wij uw opmerkingen, bevindingen, maar ook klachten serieus nemen. En dat doen we zeker. Zo houden we continu aandacht voor een gezamenlijke inzet op kwaliteit en uitvoering. Vanaf de inkoop van de grondstoffen tot aan de aflevering van uw diervoeders. Dat is de basis voor een succesvolle samenwerking.

Kan altijd beter
Een mooi voorbeeld voor een succesvolle inzet speelde zich rond de feestdagen af. Dankzij uw vroegtijdige geplaatste bestellingen hebben we zowel de productie als ook de bezorging bijzonder prettig kunnen laten verlopen. Die medewerking wordt erg gewaardeerd en dan blijkt dat aandacht, communicatie en inzet loont en eenieder tevreden kan stellen. En daar doen we het voor, met elkaar. Ventileer daarom ook gerust uw mening bij uw vertegenwoordiger, afdeling kwaliteit of bij een ander contactmoment met De Valk Wekerom. We proberen het zo goed mogelijk te doen, maar het kan altijd beter! Daar continu gezamenlijk naar streven en aan werken brengt ons verder in de totale kwaliteitsbeleving. Uiteraard mag u van ons verwachten dat we ons voortdurend inzetten voor een optimale dienstverlening. Dat neemt niet weg dat ook uw positieve bevindingen met De Valk Wekerom van harte welkom zijn.

”Meelwormen zijn ideaal voor ouderen en sporters”

29 maart, 2021

Op de biologische boerderij Het Witte Water van de familie Batterink in Nijkerk worden vleesvarkens en opfokhennen gehouden. En er worden biologische groenten geteeld. Vorig jaar is daar het kweken van insecten bijgekomen. Rowin Batterink zette de kwekerij op. “Ik leer nog elke dag.”

“Prima jongen, ga het maar uitzoeken”, aldus zijn vader toen Rowin Batterink hem vertelde dat hij insecten wilde gaan kweken. “Tijdens mijn studie gezondheidsmanagement had ik al eens iets gelezen over insecten en hun hoge eiwitgehalte. Ik liep al langer met het idee rond om ze te gaan kweken”, vertelt Batterink, die ook een tijdje als zelfstandig hovenier werkte. Informatie vergaren viel echter nog niet mee. Een speciale opleiding bestaat niet. En andere kwekerijen stonden niet te popelen om hem wijzer te maken dan hij al was. “Dus ben ik wat gaan googlen en heb ik een vijfdaagse kennismakingscursus gevolgd”, vertelt Rowin Batterink die sinds 2015 met zijn ouders in een maatschap zit. Met het kweken van insecten wilde hij als beoogd opvolger een extra inkomstenbron aanboren om de toekomst van de bio-boerderij veilig te stellen.

 

Vissers
Nadat hij zich in de materie had verdiept, besloot hij om zich toe te gaan leggen op meelwormen, de larven van de meeltor. Sprinkhanen vielen uit praktisch oogpunt af. Batterink: “Die moeten elke dag vers gras hebben. Dat is lastig en erg arbeidsintensief. Het voordeel van meelwormen is dat daar een veel bredere markt voor bestaat. Meelwormen gaan vooral naar de diervoedingssector en als levend voer naar vissers.” Hij bouwde een nieuwe hal met speciale kweekcellen en ging in april 2020 van start. De eerste glaswormpjes werden ingekocht. Maar al snel besloot Batterink om zelf de torren, de moederdieren, te gaan kweken. “Je hebt dan alles in eigen hand en de lijnen zijn kort”, zegt hij. 

 

 

Wortels
In de kweekcellen heerst een klimaat waarin de krioelende beestjes optimaal gedijen. In 5.000 gestapelde kratten groeien de minuscule wormpjes in acht weken tijd uit tot circa twee centimeter lange meelwormen. Klaar om de handel in te gaan. En ze gaan de hele wereld over. Batterink is nu een jaar bezig, maar leert naar eigen zeggen nog elke dag. “En dat zal de komende 15 jaar nog wel zo blijven”, klink het lachend. “Een voorbeeld? Meelwormen krijgen driemaal per week gehakselde wortels. Dat is vooral voor het vocht dat daarin zit. Maar die wortels zijn niet altijd hetzelfde qua samenstelling. Te veel vocht kan schimmel veroorzaken in de kratten met meelwormen. En dat moet je absoluut niet hebben.” Dat voeren van het wortelpulp gebeurt met de hand; 5000 kratten, driemaal per week.
Ook krijgen ze eenmaal per week meel. Al met al een flinke klus. “We zijn op zoek naar een oplossing om het voeren te automatiseren. Dat moet binnen een paar jaar wel gelukt zijn”, zegt Batterink.

 

De Valk Wekerom
Het speciale insectenmeel wordt geleverd door De Valk Wekerom. De coöperatie heeft al ruim 25 jaar ervaring met insectenvoer. Buitendienstmedewerker Jan van Hoef: “Aan het meel voor insecten worden heel andere eisen gesteld dan aan meel voor bijvoorbeeld pluimvee. Insecten leven namelijk in het voer. Dat is een heel andere omgeving dan meel dat in een bak wordt aangeboden. Zo mogen er absoluut geen harde bestanddelen, zoals grit in zitten.” Batterink vult aan: “Als dat namelijk in het voer voor huisdieren terechtkomt, heb je als insectenkweker een heel groot probleem.” Van Hoef: “Ik zeg wel eens gekscherend dat aan voer voor huisdieren hogere eisen worden gesteld dan aan het voedsel voor mensen.”

 

Menselijke consumptie

Vanwege de corona zag Batterink zich genoodzaakt de productie te halveren. Op moment van schrijven verlaat wekelijks circa 300 kilo
aan insecten de kwekerij. Zodra het virus de kop is ingedrukt moet het volgens de insectenkweker mogelijk zijn wekelijks zo’n 1.000 kilo te produceren. Daarmee schaart hij zich in ons land onder de vijf à tien kwekerijen die wekelijks 1.000 kilo of meer produceren. Batterink ziet de toekomst positief in. In delen van Azië, Afrika en Australië staan meelwormen al langer op het menu voor menselijke consumptie. En ook in Europa gaat de ontwikkeling voorzichtig die kant op. Zo heeft de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid onlangs meelwormen als eerste insect goedgekeurd als voedsel voor mensen. Een belangrijke stap in het toelatingsproces. Het is nu aan de commissie en de lidstaten om te beslissen over de definitieve toelating op de Europese markt. 

Buitendienstmedewerker Jan van Hoef (r) bezoekt regelmatig de insectenkwekerij

Nootachtige smaak
Wat Batterink betreft kan het niet snel genoeg gaan. Hij ziet namelijk interessante toepassingsmogelijkheden. “Uit onderzoeken blijkt dat het eiwit in meelwormen voor een snel herstel van spieren zorgt. Dat maakt de meelwormen bijvoorbeeld ideaal voor ouderen en sporters. Waar ik naartoe wil is een product met meelwormen te maken voor menselijke consumptie. Meelwormen verwerkt in een soort poeder of pasta. Wanneer ik zelf voor het laatst een meelworm heb gegeten? Ik heb er pas nog een levend opgegeten. Dat was voor een filmpje . Ze hebben een nootachtige smaak.”

Feiten en cijfers
• Meelwormen zitten vol goede voedingsstoffen en bevatten veel aminozuren, eiwitten (60 à 70 %), vezels en vitamine B12.         

 

• Het kweken van meelwormen vergt veel minder ruimte dan het houden van koeien, kippen of varkens.             

 

• Meelwormen hebben relatief weinig voedsel nodig. Insecten zijn namelijk koudbloedig en hebben geen voedsel nodig om hun lichaam warm te houden.                         

 

• Insecten stoten minder broeikasgassen uit dan koeien en varkens.             

• Ons land telt circa 50 insectenkwekerijen, groot en klein. Daaronder zijn vijf à tien kwekerijen die wekelijks van 1.000 tot 2.000 kilo produceren.         

 

• Wereldwijd eten ruim 2 miljard mensen insecten, met name in Azië, Afrika en Australië.

Tijdig bestellen – 5 april gesloten

29 maart, 2021

As. maandag 5 april 2021 (Tweede Paasdag) zijn wij de gehele dag gesloten.

 

Daarom willen wij u vragen uw voerbestelling tijdig door te geven. Het helpt ons als u de bestelling minimaal 2 dagen van tevoren doorgeeft.

 

Alvast hartelijk dank voor uw medewerking. En een goed Paasweekend toegewenst.

 

PS. Maakt u al gebruik van onze nieuwe bestelapp? Ook op deze manier kunt u ons helpen het orderproces te versnellen. Heeft u nog geen inloggegevens? Neem dan contact op met onze verkoop binnendienst via info@dvw.nl of 0318-461141.

Bedrijfsreportage: Akkerbouw- en legpluimveebedrijf familie Bloeming

26 maart, 2021

''Geen seconde spijt van onze beslissing''

 

Ze hadden in het Drentse Odoornerveen al een akkerbouwbedrijf. Anderhalf jaar geleden besloten Roelof en Jolanda Bloeming om ook legpluimvee te gaan houden. En dat gaat ze goed af. ''Het is ons eerste koppel en we hebben een legpercentage van 95 procent.''

Champignons kweken, een camping beginnen. Allerlei mogelijkheden om iets naast de akkerbouw te gaan doen passeerden de revue. Het waren uiteindelijk hun veearts en vrienden uit het dorp die ze op het idee brachten. Waarom geen legkippen houden? De aanleiding was echter niet zo leuk. Jolanda Bloeming kwam na 20 jaar in de zorg te hebben gewerkt met een burn-out thuis te zitten. Terugkeren naar haar oude werkgever zag ze niet zitten. Het idee om legkippen te gaan houden, viel met name bij haar in goede aarde. Nadat ze samen een kijkje hadden genomen bij andere pluimveebedrijven wisten ze het zeker.

Mazzel

Om hun plannen uit te voeren moesten er eerst tal van juridische en bestuurlijke hobbels worden genomen. Het feit dat hun woonhuis in de gemeente Borgen-Odoorn staat en de stal 50 meter verderop in de gemeente Coevorden zou komen te staan, maakte het er niet gemakkelijker op. Ze besloten om het adviesbureau van Wim Hoeve uit Staphorst in te schakelen. Roelof: ''Hij heeft echt alles voor ons geregeld en uitgezocht. De benodigde vergunningen, de natuurbeschermingswet en ook de stalinrichting.'' Van meet af aan was duidelijk dat de stal in eigen beheer zou worden gebouwd. Samen met familie en vrienden werd de klus geklaard. De handen gingen gedurende de gehele (hete) zomer flink uit de mouwen. Roelof Bloeming: ''Dagen van zestien uur waren geen uitzondering. De rest van het bedrijf ging immers gewoon door.''

Ingenieus

Bloeming: ''Ik ben een doener, maar vind het ook leuk om na te denken hoe ik dingen kan verbeteren.'' In de stal zijn daar meerdere voorbeelden van te zien. De spanten zijn bijvoorbeeld zo afgetimmerd dat er geen hoekjes ontstaan waar kippen hun eieren in zouden kunnen leggen. De lichtplaten heeft hij op een slimme manier geïntegreerd in de zijwanden. En op de vloer werden geen houten, maar kunststof balkjes geplaatst die niet kunnen verrotten. Om te voorkomen dat de leghennen in de verdrukking komen bij de toegangsdeuren, bedacht hij een ingenieus luchtdruksysteem. Af en toe wordt er eventjes wat lucht geperst door de gaatjes van een slang onderaan de deur waardoor de kippen terugdeinzen. Ook werd zijn idee uitgevoerd om in de voorruimte een systeem aan te leggen dat voor een lichte onderdruk zorgt. Daardoor kan er geen stof binnenkomen vanuit de stal. Op 4 september 2020 werd de hagelnieuwe pluimveestal officieel geopend met een coronaproof open dag. In totaal kwamen er bijna 200 belangstellenden verspreid over twee sessies een kijkje nemen.  

Eerste eieren

Eerder waren ze al via, via in contact gekomen met Gert-Jan Bruinenberg, buitendienstmedewerker bij De Valk Wekerom. Roelof en Jolanda Bloeming maakten (en maken nog steeds) dankbaar gebruik van zijn adviezen. Op 25 september vorig jaar was het dan eindelijk zover: het eerste koppel leghennen werd afgeleverd. Gekozen was voor 24.000 leghennen type Lohmann Brown. Jolanda Bloeming: ''Die kippen staan erom bekend dat ze erg rustig en nieuwsgierig zijn.'' Nieuwsgierig waren Jolanda en Roelof Bloeming zelf ook de eerste dagen nadat de leghennen waren afgeleverd. Wanneer zou de productie op gang komen? ''Na een week was het eerste ei er. Het lag vóór het nest en de kip keek ons aan met een blik van 'Heb ik dat gedaan?' '', lacht Jolanda. Begin november kwam de productie echt op stoom en sindsdien ligt de dagelijkse productie rond de 22.000 eieren. Jolanda Bloeming: ''Daarmee zitten we op een legpercentage van 95 procent. En dat voor ons eerste koppel.''

''Dat komt door de omstandigheden in de stal en het voer van De Valk Wekerom, maar zeker ook door de goede begeleiding die we van Gert-Jan Bruinenberg krijgen.''

 

Spijt?

Jolanda Bloeming is, al dan niet samen met haar man, elke dag in de stal te vinden. Haar dag begint standaard met een ronde door de stal om te zien of alles goed is. ''Dan herken ik sommige kippen ook. Zo staat er eentje altijd op de trommel. 'Aha, de dirigent is er ook weer' zeg ik dan. Een andere kip, herkenbaar aan een paar donkere zijstrepen, springt altijd op mijn rug. Prachtig toch!'' 's Middags staat ze aan de lopende band de eieren te sorteren. Spijt van de overstap van de zorg naar het pluimvee heeft ze geenzins. ''Absoluut niet! Ik heb het werk nog geen dag gemist. Ik spreek nog weleens oud-collega's. Ze snappen de switch die ik heb gemaakt helemaal. Een collega die mij op de boerderij bezig zag, zei dat ze me zag stralen.''

Het gezin

Het gezin Bloeming bestaat uit Roelof (48), Jolanda (43) en hun kinderen Ella (11) en Thijs (14). Ella zit in de laatste klas van de basisschool en gaat hierna naar de Terraschool in Emmen. Thijs gaat naar de praktijkschool Pro-Emmen. Hij is vastbesloten om boer te worden en zijn vader op te volgen. Daarmee zou hij de vierde generatie Bloeming op de boerderij worden.

Het bedrijf

Het akkerbouwbedrijf is 70 hectare groot. Bij de bedrijfsvoering staat duurzaamheid voorop. Zo gebeurt de gewasteelt op basis van een zogeheten niet-kerende grondbewerking. Voordeel daarvan is dat er minder meststoffen verloren gaan. De benodigde elektriciteit wordt opgewekt met zonnepanelen. Voor de warmtevoorziening wordt gebruik gemaakt van warmtepompen en een zonneboiler zorgt ervoor dat er warm water uit de kraan komt.

 

De pluimveestal herbergt 24.000 leghennen, type Lohmann Brown. Die hebben de beschikking over een overdekte wintergarden en een uitloop van 10 ha. De eieren worden geproduceerd volgens het Beter Leven twee sterren concept. 

Zo haalt u het maximale rendement uit uw leghennen

26 maart, 2021

MANAGEMENT VOOR LEGHENNEN VAN WEEK 17 TOT WEEK 30

 

Iedere legpluimveehouder heeft zijn eigen doelstellingen. Bovendien is de combinatie stal, ras en klimaat bij elk bedrijf weer anders. Dat alles maakt dat elk legpluimveebedrijf uniek is. Maar ze hebben allemaal één doel: een maximaal rendement. Een belangrijke factor daarbij is het voermanagement voor uw koppel leghennen van week 17 tot week 30.

Als leghennenhouder heeft u één doel: het maximale rendement uit uw leghennen halen. Het aantal kleine eieren dient tot een minimum beperkt te worden, omdat dit uiteindelijk meer oplevert voor uw portemonnee. Het is dan ook van belang om te beseffen dat de opfok niet ophoudt bij 17 weken, maar dat deze doorloopt tot 30 weken. Als u als leghennenhouder extra scherp bent van week 17 tot week 30, en het juiste management toepast, haalt u meer rendement uit de leghennen. We denken hier dan aan het voermanagement, maar ook licht speelt een grote rol. Beide zaken zijn erg belangrijk in uw management om te veel kleine eieren te voorkomen. 

Voeropname

Een maximale voeropname is van belang. U dient derhalve het eiwit , energie en calcium goed op elkaar af te stemmen. Daarom is het belangrijk om met de komst van de hennen te beginnen met opfokvoer, preleg en startvoer. Als u hierin investeert en het juist toepast is hier geld mee te verdienen. Dit voer bevat namelijk standaard CCM, vismeel en andere additieven. Deze grondstoffen zijn van belang voor de darmgezondheid en om de voeropname van uw leghennen te stimuleren. Als de hennen met ongeveer 17 weken in de stal komen, is het de vraag hoe de voerbeurten het beste ingesteld kunnen worden. Belangrijk is om de hennen graag op het voer te houden. Als de leghennen net in de stal zitten, kunnen we niet verwachten dat ze hetzelfde eten als in opfok. Ze moeten het voer en water namelijk nog gaan vinden. 

AANBIEDING: BEDRIJFSEIGEN BULKSLANG

Helaas hebben we niet overal invloed op. Zo is de situatie omtrent vogelgriep bij het schrijven van dit artikel nog zeer zorgelijk. De discussies of het nog wel acceptabel is om pluimvee te houden in waterrijke gebieden en of deze hennen dan wel of niet ingeënt moeten worden tegen vogelgriep is erg actueel. Om het juiste management door te voeren met betrekking tot vogelgriep is hygiëne van groot belang. We hebben daarom een leuke aanbieding: bedrijfseigen bulkslangen. Met deze slangen is de kans op insleep van vogelgriep via de bulkwagen minimaal. Heeft u interesse, raadpleeg dan uw adviseur van De Valk Wekerom.

Voerbeurt

Waar u op moet letten is of de voergoot zeker eenmaal per dag leeg komt. Hierdoor houdt u de hennen graag op het voer. Ook benutten ze dan alle grondstoffen beter, omdat op deze manier de leghennen ook de fijnere delen van het voer opeten. Ervan uitgaande dat op een gemiddeld bedrijf een hen per voerbeurt ongeveer 30 gram eet, betekent dit dat u drie voerbeurten nodig heeft wanneer een hen 90 gram eet. Meer voerbeurten heeft geen zin, omdat u hierdoor de hennen eerder lui maakt dan stimuleert om voer te eten. Belangrijk is om te voeren naar de behoefte van het koppel hennen. Niet ieder koppel is hetzelfde. Daarom is het van belang om vooral in de eerste weken goed te overleggen met uw adviseur. Als de hennen beginnen te leggen en meer behoefte krijgen om voer te pakken om hun ei te produceren, kan er een voerbeurt bijgezet worden.

Lichtmanagement

Tot slot willen we ingaan op het lichtmanagement in de eerste weken van een nieuwe koppel leghennen. Het belangrijkste doel om licht te creëren in uw stal is om de hennen te stimuleren in productie te komen en ze gedurende de hele legperiode in productie te houden. Ook is het zeker in het begin belangrijk om voldoende lichtsterkte te hebben in de buurt van de voer- en waterlijnen, zodat de hennen die goed kunnen vinden. Gemiddeld is het verstandig om er in het begin een uur licht per week bij te geven. U zult zien dat de hennen dan ook meer beginnen te eten. Het licht is er ook voor om de hennen in de avond in het systeem te krijgen. Het is belangrijk dat dit goed gaat, want hoe meer hennen er in het systeem zitten, hoe kleiner de kans is op grondeieren. Uiteindelijk dient u maximaal 16 uur licht te geven, inclusief op- en afdimmen. Bij bio en vrije uitloopstallen is het van belang dat u er op let dat de hennen niet te vroeg wakker worden. Anders krijgt u namelijk in de zomer problemen met het aantal lichturen. Heeft u vragen over het voer- en/of lichtmanagement, neem dan contact op met uw adviseur van De Valk Wekerom.

De nieuwste uitgave van de Valkenier, editie maart 2021 staat online

19 maart, 2021

Inhoud:

Van de (nieuwe) directie

Bedrijfsreportage: 'Meelwormen zijn ideaal voor ouderen en sporters'

Ontwikkelingen op de grondstoffenmarkt

Uitstekende resultaten pluimveesector

Bedrijfsreportage: 'Geen seconde spijt van onze beslissing'

Gezamenlijk op weg naar kwaliteit- en resultaatverbetering

Zo haalt u het maximale rendement uit uw leghennen

Voerkwaliteit begint al bij de opslag en losplaats

Nieuwe software voor de perserij

Melkproductie en rantsoen zorgen samen voor efficiëntie

Tante Door kipproducten uit de muur

Even voorstellen: Susanne van de Lagemaat

Alle prijswinnaars op een rijtje

Mijlpaal biologische voerproductie De Valk Wekerom en AR

Vervang uw oude bestel app!

Colofon

 

Klik hier om de Valkenier van maart te bekijken! 

 

Passende aanvullingen van vitaminen en mineralen leveren gezonde koeien op

15 maart, 2021

 

Het voeren van vitaminen en mineralen wordt erg wisselend toegepast in de praktijk. Ook de adviezen zijn niet eensluidend. Terwijl een passende vitaminen- en mineralenaanvulling essentieel is voor een goed presterend melkveestapel.

Niet alle veehouders voeren vitaminen en mineralen bij. De gedachte is dat er voldoende in het ruwvoer zit of in het aanvullende krachtvoer. Toch moet er met deze aanname worden opgepast. Vooral vitamines zijn in ruwvoer zeer wisselend en ook lang niet altijd bestand tegen het inkuilproces. Ook met de vitaminen- en mineralenvoorziening in krachtvoeders wordt zeer wisselend omgegaan. Daar staat tegenover dat er veel verschillende mineralenmengsels verkrijgbaar zijn; de een nog luxer dan de ander. Maar luxer is niet altijd beter bij vitaminen en mineralen. Overdaad kan schadelijk zijn en daardoor zelfs averechts werken. Eén van de vitamines die direct effect heeft op de gezondheid van melkvee, maar waarvan overdaad schaadt, is vitamine E.

Vitamine E

Een belangrijke vitamine voor de gezondheid van melkvee is vitamine E. Deze heeft een antioxidant- functie. Een tekort aan vitamine E leidt tot een verminderde activiteit van de witte bloedcellen. Vitamine E heeft ook invloed op de productie van B- en T-cellen. Die zijn erg belangrijk voor het immuunsysteem. Een vitamine E-tekort heeft daarom direct meer gevallen van mastitis en nageboorteontsteking als gevolg. Te veel vitamine E kan juist het tegenovergestelde betekenen. Vitamine E wordt bij overdaad opgeslagen in het vet. Het teveel wordt dus niet afgevoerd. Ook kan een scheve verhouding van vitamine E ten opzichte van andere vitaminen en mineralen zorgen voor een mindere werking. Juist in het laatste deel van de droogstand en tijdens de transitieperiode is voldoende vitamine E erg belangrijk. Door het afkalfproces en de startende lactatie is er veel stress waardoor de koe meer kans heeft om ziek te worden. Door een juist niveau van vitamine E te voeren, dat werkt als antioxidant, worden de gevolgen van de stress minder en zal de koe makkelijker opstarten. Omdat tijdens de transitieperiode de voeropname behoorlijk daalt, moet de vitamine E aanvulling extra geconcentreerd zijn. De droogstandsmineralen en droogstandsbrokken in het assortiment van De Valk Wekerom bevatten dan ook extra vitamine E.

Vernieuwd assortiment
Omdat melkveerantsoenen uit veel verschillende voeders, grondstoffen en bijproducten bestaan, is er geen standaardadvies mogelijk. Een passend advies moet daarom altijd op basis van een rantsoenberekening worden gegeven. Daarbij worden ook effecten als voeropname, productieniveau en lactatie stadium meegenomen. We hebben ons assortiment daarom geüpdate naar de nieuwste inzichten en omstandigheden op melkveebedrijven. We hebben verschillende mineralenmengsels voor het basisrantsoen. Deze kunnen los aan het voerhek gevoerd worden, maar kunnen we ook in een Optimeel of Optibrok leveren. Dit zorgt voor extra gemak en een nauwkeurige opname. Het basisrantsoen wordt aangevuld met een melkveebrok. We hebben hiervoor drie reeksen: Balans, Vitaal en Presto. Deze zijn afgestemd op de verschillende behoeftes van het dier, waarbij het productieniveau en gezondheidsondersteuning erg belangrijk zijn. Vanzelfsprekend bevat elke reeks daarom ook een ander niveau vitaminen en mineralen. Dit biedt ons de mogelijkheid om voor elke bedrijfssituatie een passend advies te formuleren. 

Dekking vitaminen en mineralen

Geen koeien in Canada, maar bio-kippen in Drenthe

15 maart, 2021

Ze waren naar eigen zeggen ‘uitgeboerd in Mijdrecht’. Dus besloten Peter en Corrina de Ruijter hun heil elders te zoeken. Zelfs Canada werd overwogen. Maar uiteindelijk werd het Dalen op het Drentse platteland. Daar begonnen ze naast hun melkveebedrijf een bedrijf voor bio- legmoederdieren.

Bij binnenkomst is het die ochtend een gezellige drukte aan de keukentafel. Een hulp, een goede vriend en twee zonen van Peter en Corrina de Ruijter zitten uitgebreid aan de koffie. ‘Die drukte, dat brengt een gemengd bedrijf als het onze met zich mee. Al het trekkerwerk doen we bijvoorbeeld zelf. Wat dat betreft is het hier nooit saai’, lacht Peter.

 

Peter en Corrina de Ruijter begonnen in 2019 met het houden van bio-moederdieren.

 

Het gezin en het bedrijf
Peter (53) en Corrina (51) de Ruijter hebben vier kinderen. Mart (25) werkt op het bedrijf, Laura (24) is wijkverpleegkundige, Eric (21) werkt ook op het bedrijf en Ilse (18) studeert voor verpleegkundige. Op het gemengde bedrijf wordt 190 ha grond bewerkt, waarvan 120 ha grasland en 50 ha mais. De overige 20 ha wordt verhuurd aan een akkerbouwer. In de zogeheten ‘swing over’ melkstal worden zo’n 260 koeien gemolken. Daarnaast telt het bedrijf 140 stuks jongvee. In de kippenstal huizen 15.000 bio-legmoederdieren (Lohmann Brown Classic). Concrete toekomstplannen zijn er niet echt. Peter: ‘Misschien iets met melkvee op bio-basis. Maar eigenlijk is het aan Mart en Eric om de koers voor de toekomst uit te zetten.’

 

Vrijheidsdrang
‘We hadden in Mijdrecht een leuke boerderij hoor, 23 hectare grond, 80 stuks melkvee en 300 vleesvarkens. Maar het was te klein, we wilden vooral meer eigen grond’, vertelt Peter. Die wens bleek in het westen niet haalbaar. Dus werden andere mogelijkheden onderzocht. Zelfs emigreren naar Canada werd even overwogen. Totdat ze in 2005 op het melkveebedrijf in Dalen stuitten, 62 hectare met 100 koeien. ‘Wij werden de vierde eigenaar, twee daarvan waren naar Canada vertrokken.’ De eerste jaren breidden ze het aantal koeien uit naar 140. In 2013 bouwden ze een nieuwe melkveestal voor 220 koeien. En in 2018 namen ze de grond en de gebouwen van de naaste buurman over. Die vertrok óók naar Canada. ‘Ja, de boeren hier hebben een grote vrijheidsdrang,’ weet Peter.

 

Moederdieren
Om extra financiële zekerheid in te bouwen vatten ze het plan op om iets naast het houden van melkvee en jongvee te gaan doen. Peter: ‘Via de kerk kwamen we hier in contact met een aantal kippenboeren. Die vertelden ons dat het houden van kippen een leuke tak van sport is. Bovendien ben je met kippen minder gebonden dan met koeien.’ Dat leidde er in 2019 toe dat er een hagelnieuwe kippenstal op het erf verrees. Met een zogeheten (overdekte) wintergarden en een vrij uitloop van 6 hectare. Het plan was om er 15.000 bio-leghennen te gaan houden. Totdat ze hoorden dat Ter Heerdt met bio-moederdieren wilde beginnen en daar onderdak voor zocht. ‘Wij hadden geen verstand van kippen, maar dat was geen probleem. We zouden goed worden begeleid door het bedrijf. En als boer heb je natuurlijk ook wel feeling met vee’, zegt Peter.                                               

Grote belangen
Momenteel hebben ze 13.800 leghennen en 1.200 hanen in de stal. Die kippen, type Lohmann Brown Classic, zijn in het bezit van Ter Heerdt. Het bedrijf huurt alleen de stal. Peter en Corrina verrichten alle werkzaamheden en worden per ei betaald. Corrina, die naast het huishouden ook de kalfjes de en de bedrijfsadministratie doet: ‘Die bio-moederdieren zijn niet te koop. Ter Heerdt heeft daar een patent op.’ Dit hennen- en kuikenbedrijf heeft verspreid over het land zes moederdierbedrijven. Per ronde leggen de bio-hennen van Peter en Corrina 1,5 miljoenen eieren.De leghennen die daaruit voortkomen zijn voornamelijk bestemd voor de Zuid-Duitse markt. Een bezoekje aan de stal en eieropslag is voor de bedrijfsreportage helaas niet mogelijk. Ze zijn heel erg voorzichtig met bezoekers vanwege het gevaar op besmetting. Zeker nu er vogelgriep is uitgebroken. Peter: ‘De belangen voor Ter Heerdt zijn erg groot. Er is hun alles aan gelegen dat het goed gaat met hun moederdieren. We worden ook heel goed begeleid. Zo komen er eenmaal per twee weken begeleiders en eenmaal per drie weken komt er een dierenarts. Van directeur tot administrateur, iedereen van Ter Heerdt komt af en toe kijken. Ook om feeling met elkaar te houden.’ 

 

De Valk Wekerom
Bij de uitwerking van hunplannen om kippen te gaan houden kregen ze destijdshulp van Gert Jan Bruinenberg, buitendienstmedewerker bij De Valk Wekerom. Ze hadden hem via-via ontmoet. ‘Hij heeft alles begeleid. Ter Heerdt betrekt het biologische voer van een ander veevoederbedrijf. Maar omdat Gert Jan zo veel voor ons heeft gedaan en nog steeds doet, hebben we gevraagd of De Valk Wekerom het bio-voer mocht leveren. En dat vonden ze goed’, zegt Peter. Ze houden nu bijna twee jaar de bio- moederdieren. Spijt dat ze voor de kippen hebben gekozen hebben ze zeker niet. Corrina: ‘Natuurlijk, met een koe heb je veel meer een band dan met een kip. Maar met een koe heb je weer meer werk, zeker bij ziekte.’ Peter: ‘Met kippen weet je precies wanneer je wat moet doen. Bovendien is alles geautomatiseerd, het loopt echt fantastisch. Dat voersysteem bijvoorbeeld is bijna te mooi om waar te zijn.’ Dus Canada is definitief van de baan? ‘Het kriebelt niet meer nee. Die kou en sneeuw daar. We zitten hier heerlijk.’

We hebben de wind even niet mee

15 maart, 2021

 

Even buiten Almelo runt de familie Harink een vleeskuikenbedrijf. De technische resultaten zijn prima. Over de toekomst is Herman Harink  echter gematigd positief. Niet alleen zijn de huidige prijzen slecht. Ook de maatschappelijke discussie rond de vleesproductie baart hem zorgen. ‘Voorbijgangers knijpen soms demonstratief hun neus dicht.’

 

 

 

Buiten klinkt het geroffel van een crossmotor. Zoon Mats trekt op een 450 cc Husaberg diepe sporen in het bouwland achter de boerderij. Het is de motor van Herman Harink (57). Hij werd in de jaren 90 een paar keer tweede op het nationaal kampioenschap enduro. Een prachtige hobby, maar Herman komt er weinig meer aan toe. Daarvoor is hij te druk met het vleeskuikenbedrijf.

 

 

Het gezin en het bedrijf

De familie Harink bestaat uit Herman (57)
en echtgenote Ilse (55). Ilse werk in een
fertiliteitskliniek. Zoon Tim (19) studeert
aan de UT in Enschede en Mats (16) zit
op het VWO en wil op termijn het bedrijf
overnemen.
Op het boerenerf staat een schuur
(werkplaats en opslag van materieel)
en vijf stallen met in totaal 113.000
vleeskuikens. De verwarming geschiedt
met twee cv-ketels: een voor houtsnippers
en een voor pellets. Op de stallen liggen
310 zonnepanelen. Het bedrijf is 3 hectare
groot. De grond wordt gebruikt voor de
verbouw van snijmais.

Zoon Mats ziet het wel zitten om het bedrijf over te nemen.

 

 

Varkens eruit

Herman Harink hielp al op jonge leeftijd op de boerderij van zijn ouders. ‘Toen ik 11 was reed ik al mijn eerste gevel eruit. Ik dacht dat ik de trekker in de achteruit had staan. Klats, boem!’, lacht hij. Aanvankelijk werkte hij bij een Mercedes dealer. Toen zijn vader echter aangaf het wat rustiger aan te willen doen, besloot Herman fulltime boer te worden. In 1989 nam hij het bedrijf over. ‘Dat telde toen 50.000 vleeskuikens en 500 vleesvarkens. Die varkens hebben we er in 1994 uitgedaan. De stal voldeed niet meer aan de eisen, daar moest te veel aan gebeuren. In plaats daarvan zijn we meer vleeskuikens gaan houden. Momenteel hebben we er 113.000 verspreid over vijf stallen die we in de loop van tien jaar hebben gebouwd.’ De laatste jaren werkt hij met Ross 308 vleeskuikens en daar behaalt hij prima resultaten mee. Maar hij weet als geen ander dat dit niet alleen aan de kuikens ligt. ‘Natuurlijk, die genetische eigenschappen zijn heel belangrijk. Maar dat geldt zeker ook voor de omstandigheden in de stallen. Goede ventilatie bijvoorbeeld. Een paar jaar geleden heb ik de ventilatieventielen veranderd. Daardoor is het klimaat duidelijk beter geworden. En sinds enige tijd heb ik CO2-meters in de stallen. Erg handig en nuttig. Maar goed voer is uiteraard ook erg belangrijk.’ 

 

 

Voerlijn Balans

Een jaar of zes geleden maakte hij de overstap naar De Valk Wekerom. Het voer van zijn vorige leverancier liet een paar keer te wensen over. ‘Ik kreeg last van natte stallen. En dat wilde ik absoluut niet hebben. Je houdt dan de voetzolen van de kuikens niet goed en ook het strooisel niet. Een natte stal heeft bijna altijd met het voer te maken. Dat moet altijd een constante kwaliteit hebben, maar ze hadden de samenstelling veranderd’, aldus Harink. Bij De Valk Wekerom kunnen mesters van vleeskuikens uit drie voerlijnen kiezen: Presto, Vitaal en Balans. Herman koos voor Balans. ‘Je kiest dan voor zekerheid. Dus geen te langzame maar ook geen te snelle groei van de kuikens. De voerlijn bevalt me prima. De technische resultaten zijn goed. Ik ken de landelijke cijfers niet, maar met de huidige ronde zit ik op een uitvalspercentage van 0,75 procent. Zo laag heb ik het nog nooit gehad. En even afkloppen, ik heb dit jaar ook nog geen medicijnen gebruikt.’

Harink senior doet nog regelmatig klusjes op het bedrijf

Uitbreiden

Vorig jaar vatte hij het plan op om er een nieuwe stal bij te bouwen. Maar tijdens de vergunningenprocedure besloot hij te stoppen. De aanleiding was een combinatie van factoren. ‘Neem al die regeltjes. Ik moet de stal bijvoorbeeld op 10 meter afstand van de andere stallen bouwen. Wat ook meespeelt is de vleesprijs. Die fluctueert altijd, maar is nu wel erg slecht. Dat heeft te maken met de coronacrisis. Maar er wordt ook veel kipfilet geïmporteerd en tegen dumpprijzen aangeboden, met name vanuit Polen, Oekraïne, Thailand en Brazilië.’ Bovendien ziet hij de maatschappelijke discussie over de vleesproductie steeds heftiger worden. ‘Soms komen hier mensen voorbij die demonstratief hun neus dichtknijpen. Het ondernemersklimaat voor agrariërs wordt er al met al niet beter op.
Natuurlijk, het is erg complex allemaal, maar ik vind het te gemakkelijk om de boeren van alles de schuld te geven.’ Mensen moeten echter niet denken dat Harink alle dagen loopt te somberen. Hij blijft optimistisch en over een paar maanden zal de markt wel weer aantrekken. En voor somberen vindt hij het werk op de boerderij, het contact met de leveranciers en met de jongens die de kuikens komen halen, ook veel te leuk. En het werken met de dieren zelf natuurlijk. Dat vindt ook zoon Mats (16) die er met zijn motor bij komt staan wanneer buiten de foto’s worden gemaakt. Op de vraag of hij het bedrijf over wil nemen, klinkt een even resoluut als kort antwoord: ‘Ja.’

Contact met De Valk Wekerom

Bedrijfsgegevens


  • Hoge Valkseweg 58, 6741 GN Lunteren
  • Postbus 3, 6740 AA Lunteren
  • +31(0) 318 461 141
  • +31(0) 318 461 657
  • info@dvw.nl

Volg ons

Stuur ons een bericht